Twee eenvoudige manieren om te stoppen met piekeren

 

Vastzitten in je gedachten

Het is zo gemakkelijk om vast te komen zitten in je gedachten en het lijkt zo moeilijk om eruit te komen. Ik zeg expres “lijkt’ want hier zijn 2 eenvoudige technieken die je hierbij kunnen helpen.

Ben jij geneigd om veel te piekeren, in je hoofd te zitten en je zorgen te maken? Lees dan snel verder.

 

“The mind is just like a muscle – the more you exercise it, the stronger it gets and the more it can expand.” 
― Idowu Koyenikan

(De geest is net een spier – hoe meer je hem traint, hoe sterker hij wordt en hoe meer hij kan uitzetten.”

– Idowu Koyenikan)

 

Vastzitten in een vervelende gedachtencyclus, omdat je zorgen maakt over iets wat staat te gebeuren (toekomst) of aan iets uit je verleden denkt, kan heel snel een negatieve spiraal worden, wat kan leiden tot verwarring, angst en pijn.

 

Vaak weten we dat het doorgaan met continue nadenken de uitkomst niet zal voorspellen of het verleden zal veranderen en het voelt heel vervelend en onrustig. We weten dit, maar het is zo gemakkelijk om erin verstrikt te raken.

 

Wat kun je eraan doen?

Grondingstechnieken kunnen je helpen om uit je denken te komen.

Wat is een grondingstechniek?

Een gronding- of aardingstechniek is een geweldig hulpmiddel om je gedachtencyclus te doorbreken en je naar het hier en nu te brengen. Ze helpen je terug te komen naar het huidige moment en je af te leiden van onbehulpzame, overweldigende denkpatronen.

Aardingstechnieken zijn zeker niet het enige hulpmiddel en ze maken zeker geen eind aan je problemen, maar als je ze toepast, kunnen ze je wel de verlichting bieden die je nodig hebt. Omdat veel van je stress en angst wordt veroorzaakt door je gedachten. Een aardingstechniek helpt je om afstand te nemen van die gedachten, geeft je ruimte zodat je niet direct hoeft te reageren en triggert je ontspanningsreactie, die op deze momenten nodig is.

Er zijn vele grondingstechnieken die je kunt toepassen, ik deel de twee waar mijn klanten het meeste baat bij hebben en het meest enthousiast over zijn:

 

De Aftel-Aardingstechniek en de kleur-Aardingstechniek.

 

De aftel (54321) Aardingstechniek:

Noem 5 dingen die je kunt zien (beker, tas, gras, persoon)

Noem 4 dingen die je kunt voelen (warmte, kou, wind op mijn gezicht, stoel waar ik op zit, elleboog op de tafel)

Noem 3 dingen die je kunt horen (radio, verkeer, vogels zingen, mensen praten, geluiden van buiten)

Noem 2 dingen die je kunt ruiken zoals de geur van koffie, parfum, schoonmaakmiddel, hond of kat, gemaaid gras)

Noem 1 ding dat je leuk vindt aan jezelf (je ogen of glimlach, een goede moeder zijn,  je gevoel voor humor, dat je een goede vriendin bent )

 

De Kleur Aardingstechniek:

Kies een kleur naar keuze (Elke kleur is goed, ik begin meestal met mijn lievelingskleur)

Kijk om je heen en vind 5 dingen van die kleur.

Kies een andere kleur en herhaal minstens nog 1 keer

 

Het fijne aan deze technieken is dat je ze overal kunt doen. Op je werk, tijdens het reizen (auto, trein, fiets, wandelend), op het toilet, in bed of bad.

Wees mild voor jezelf

Als je aan het piekeren bent, kan het heel moeilijk zijn om jezelf eraan te herinneren een grondingstechniek te doen.  Zelfs als je het bedenkt, kan het moeilijk zijn om jezelf ertoe te brengen het daadwerkelijk te doen. Dit is normaal, dus stel geen al te hoge verwachtingen aan jezelf. Soms duurt het even voordat je door hebt dat je in een denkspiraal zit. Start met beseffen en erkennen dát je in een denkspiraal zit, zodra je dat kan, kun je een grondingstechniek toepassen. Wees niet te streng voor jezelf als je niet bij de eerste tekenen beseft dat je in een denkspiraal zit, feliciteer jezelf gewoon als je dat wél doet. En pas dan de aardingstechniek toe die jij het prettigst vindt.   Merk je dat je tijdens of na het oefenen van de aardingstechniek je gedachten teruggaan naar het piekeren of overdenken? Dat is niet erg. Je kunt je meer ontspannen voelen en daardoor helder nadenken en de dingen vanuit een nieuw perspectief bekijken.

Blijf je piekeren, herhaal de grondingstechniek dan. Je kunt ze ook langer laten duren. Als je het bijvoorbeeld moeilijk vind om bepaalde gedachten los te laten, kun je een primaire kleur kiezen en op zoek gaan naar 10 dingen.

Er zijn geen harde regels, het gaat erom wat je helpt om uit je hoofd te gaan en je beter te voelen. Zet in wat voor jou werkt.

Meer hulp nodig? Boek een Stop met Piekeren sessie

 

Mamaschuld 2

 

Welke invloed hebben jouw eigen gevoelens en gedachten op je kinderen?

Als we volwassen worden, nemen we ons vaak voor om onze kinderen een andere opvoeding te geven: om het totaal anders aan te pakken dan onze ouders. Met de beste bedoelingen, en toch loopt het soms totaal anders dan je verwachtte. Dat kan op allerlei leeftijden gebeuren, maar vaak hebben we hier mee te maken als onze kinderen gaan puberen. Dit blijkt uit het verhaal van een van mijn cliënten, een werkende moeder met een zestienjarige dochter.

Ineens gaat het anders

S. kwam bij mij omdat ze zich steeds boos, kritisch en gefrustreerd voelde over de verslechtering van hun moeder/dochter-relatie. Voordat haar dochter naar de middelbare school ging, waren ze dikke vriendinnen die alles deelden, maar dat veranderde toen haar dochter ging puberen. Nu schreeuwde ze veel en gooide ze dingen naar haar, wat tot veel boosheid en frustratie van beide kanten leidde. Als S iets zei of vroeg reageerde haar dochter geïrriteerd, haalde haar schouders op en soms negeerde ze haar zelfs.

Afstand

S. ging gebukt onder schuldgevoelens en werd gekweld door de groeiende afstand tussen hen. Ze voelde zich onzeker en twijfelde of ze wel een goede moeder was. Samen keken we terug op haar tienerjaren en haar relatie met haar moeder. S. had een gemoedelijke jeugd gehad, er was geen sprake van ruzie of moeilijkheden thuis maar haar eigen moeder was wel wat afstandelijk en zeer veroordelend.  Ze had altijd commentaar op het uiterlijk en gedrag van S. Ze gaf nooit een knuffel of complimenten, liet niet blijken dat ze trots was op S.

S. voelde zich thuis niet gehoord of gezien, wat haar boos en onzeker maakte; het was iets dat haar hele leven heeft beïnvloed. Vastbesloten het anders te doen dan haar eigen moeder, overstelpte ze haar dochter met liefde. Vanuit de allerbeste bedoelingen wilde ze haar dochter tegen de nare dingen van het leven beschermen waardoor ze overbezorgd en controlerend was. Dit benauwde haar puberende dochter, die zelf dingen wilde ontdekken en vocht voor wat meer vrijheid.

Facing the facts

Door bewust te worden van haar eigen gevoelens en triggers was S in staat om kleine stappen te nemen in het versterken van de band met haar dochter.

S. is gestopt met overbezorgd reageren en geeft haar dochter wat ruimte om haar eigen beslissingen te nemen. Ze wist dat haar dochter wilde afvallen en steunde haar door gezond eten te maken en samen te werken aan hun conditie door twee keer in de week samen te sporten. Door meer actieve belangstelling te tonen en door haar dochters afvalprestaties te vieren, werd hun band weer hechter en begon haar dochter uit zichzelf meer te delen met S. Ze duwde haar niet langer weg en de band werd weer wat hechter.

 

Gevoelens herkennen en erkennen

Daarom is het heel belangrijk om de negatieve effecten van onze eigen gevoelens – zoals overbezorgdheid, niet los kunnen laten en onzekerheid – te herkennen en erkennen.  Met andere woorden: om terugkerende gedachten en patronen te herkennen zodat je er bewust van wordt en ze kunt veranderen.

 

Mamaschuld

Mama’s hebben vaak last van schuldgevoelens. Werkende mama’s nog meer. En ben je (nog) geen mama, dan is deze blog ook interessant, want het geeft je inzicht in hoe werkende mama’s zich kunnen voelen.

Veel vrouwen kijken naar het moederschap met bepaalde verwachtingen over hoe een moeder zou moeten zijn. Misschien hebben we deze gemodelleerd naar onze eigen moeders of uit de magazines, televisie en de films die we zagen toen we opgroeiden.

Net zoals een kind in onze buik groeit, groeien we zelf ook in onze rol als moeder en beginnen we met het nemen van beslissingen waarvan we denken dat die zullen werken voor ons als toekomstige ouders.

Keuzes maken

‘Mammaschuld’ kruipt langzaam in ons bewustzijn als we een conflict ervaren bij de keuzes die we maken. Dit klinkt misschien bekend: “Ik moet werken, maar ik wil er zijn voor mijn kind”, of: “Ik zou graag thuis bij mijn kinderen willen blijven, maar dan kunnen we de hypotheek niet betalen.” We zeggen continu tegen onszelf dat we geen goede moeder zijn, en we zijn bang dat onze kinderen tekortkomen of zelfs beschadigd raken. We raken verstrikt in onze eigen overtuigingen en verwachtingen.

Wat veroorzaakt mammaschuld?

Het is een eindeloze lijst, van schuldig voelen over de toestand van ons huis, niet genoeg tijd doorbrengen met onze partner of de kinderen, afspraken vergeten, tijdgebrek, niet genoeg verdienen om onze partner te ondersteunen, gebeurtenissen missen, geïrriteerd en moe zijn.

Het is dus niet verwonderlijk dat er moeders bij mij komen die uitgeput, energieloos of onzeker zijn omdat ze het gevoel hebben dat alles perfect moet en dat ze alle ballen in de lucht moeten houden. Ze zitten in een spagaat en zijn in conflict met zichzelf omdat het welzijn en geluk van de kinderen voorop staat, maar ze zelf óók behoeftes hebben.

Werkende moeders dragen een nog grotere last van schuld en voelen zich vaak beoordeeld. Een studie wees uit dat 51 procent van de werkende moeders zich schuldig voelt dat ze niet genoeg tijd doorbrengen met hun kinderen. En 55 procent van de niet-werkende moeders voelt zich schuldig over het niet-bijdragen ​​aan de familiefinanciën. Meer dan 50 procent maakt zich ten slotte zorgen dat ze niet volledig functioneert op haar werk, maar ook niet thuis. Als ze thuis zijn denken ze aan het werk, als ze op het werk zijn denken ze aan de kinderen.

Hoe kunnen we mammaschuld loslaten?

Door ons bewust te zijn van hoe hoog onze verwachtingen zijn. Vaak hebben we het idee dat we aan allerlei verwachtingen moeten voldoen en die verwachtingen ondersteunen onze opvattingen over succes en mislukking. Maar we vergeten daarbij vaak dat we onszelf de meeste verwachtingen opleggen. Omdat we ons spiegelen aan anderen, aan het ideaalbeeld dat we hebben en dat we zien en horen in de media. En als we niet aan onze eigen verwachtingen kunnen voldoen – als we ballen laten vallen – voelen we ons alsof we hebben gefaald als moeders. Als we het idee kunnen loslaten dat alles perfect moet zijn, geeft dat enorm veel rust en opluchting.

Daarom is relativeren zo belangrijk voor het loslaten van de mammaschuld. Merk op dat ik zei: “loslaten” en niet “noodlanding op het water” of “wegstoppen”. Het stoort mij vaak als ik blogs en boeken lees die moeders vertellen dat ze over hun schuld heen moeten komen, om te stoppen met zich schuldig voelen. Het helpt meer als we onszelf beter begrijpen, en dat kan door te snappen hoe onze samenleving ons beïnvloedt.

Schaamte of schuld?

Schaamte is het intens pijnlijke gevoel of de ervaring waarbij we geloven dat we tekort- schieten en dat geeft ons een gevoel van waardeloosheid en mislukking, van falen. Maar faal jij echt? In wiens ogen faal jij dan? In die van je man, je familie, je vriendinnen, collega’s? Of in je eigen ogen?

We kunnen schaamte verwarren met schuld. Schaamte verwijst naar een persoon, schuld verwijst naar de handeling; dus kunnen we schuldgevoelens hebben over iets dat we hebben gedaan of juist gelaten. Dat is de reden dat schuld ons bekruipt tijdens ons werk, de yogales, koffiedrinken, plezier maken met vriendinnen of bij leuke uitjes. Schuldgevoel is een angst voor straf op basis van onze eigen set “zo hoort het”-regels en -verwachtingen. Daarmee ontzeggen we onszelf het vermogen om te genieten.

De oplossing

Als jij de door jouzelf opgelegde regels en verwachtingen kunt bijstellen en reëel maakt, dan merk je al snel dat de druk en het schuldig voelen afnemen. Niemand is perfect. We zijn allemaal weleens moe, gejaagd of geïrriteerd. Als je dat voelt, kijk dan eens naar wat jij allemaal moet van jezelf. Vraag jezelf eens af van wie je dat moet, en of het werkelijk noodzakelijk is dat dat nu of vandaag gebeurt. Kan het ook op een ander moment? En moet jij het doen of kan een ander het ook doen?

En wat is nu eigenlijk het allerbelangrijkste: dat het huis perfect schoon is, de was en het strijkwerk gedaan zijn of dat je tijd maakt om naar je kinderen te luisteren of iets met ze te doen? Waar word jij het gelukkigste van?

Zes simpele manieren om af te maken waar je mee start

Hoe kunnen we ervoor zorgen dat we wél afmaken waar we aan beginnen?

Als je je doel duidelijk geformuleerd hebt, schrijf het dan op. Zeg het hardop tegen jezelf, zorg dat je het regelmatig ziet en kunt lezen. Zet het bijvoorbeeld op je telefoon, hang het op je keukenkastje, het toilet, je spiegel enzovoort. Start je dag met het hardop benoemen van je doel. Concentreer je op alles wat je ziet, hoort en voelt dat bijdraagt aan het behalen van het doel; daardoor kun je je aandacht richten op de interne en externe middelen die je nodig hebt om dit te bereiken. Op deze manier zorg je dat je emotioneel investeert en gepassioneerd en diep verbonden bent met dit doel; zo houd je het onder je aandacht en beschik je over de middelen die nodig zijn om het doel te behalen.

Hier zijn 6 eenvoudige manieren die ervoor zorgen dat je gegarandeerd altijd afmaakt waar je aan bent begonnen:

  1. Denk, voor je aan een nieuw project begint, eerst eens na over acties uit het verleden. Maak een lijst van projecten uit het verleden en de redenen waarom en hoe je bent gestopt met dit project. Zie je patronen van stoppen en starten? Dit kan belangrijke informatie zijn die je helpt je eigen gedrag en toekomstige inspanningen te veranderen. Soms kunnen we deze onderzoeksfase overslaan, maar we missen dan het verzamelen van essentiële informatie die kan helpen de afleidingen of obstakels inzichtelijk te maken. Bijvoorbeeld: als ik ga afvallen, weet ik dat het moeilijk vind om nee te zeggen tegen een taartje of iets lekkers. Als ik begin met sporten, weet ik dat ik het sporten ga overslaan als ik moe thuis kom en op de bank ga liggen.
  2. Ga vervolgens op zoek naar wat je kan helpen om op deze moeilijke momenten, die zeker gaan komen, toch door te zetten en vast te houden aan je plan. Zoek naar mensen in je omgeving, op televisie, boeken of online die jouw doel al bereikt hebben, kijk naar hoe zij het hebben volgehouden en gebruik hun informatie en tactieken voor jouw eigen plan. Iemand die dit zelf heeft meegemaakt, heeft zeker nuttige tips over valkuilen en hoe je daarmee om kunt gaan.
  3. Maak een plan en schrijf op hoeveel tijd, geld en middelen nodig zijn om het te voltooien. Kijk naar je agenda en plan de tijd in om te sporten, te koken enz. Zorg dat die benodigde tijd niet ingepikt kan worden door concurrerende activiteiten in je dagelijks leven.
  4. Plan een ruwe einddatum in. Wees daar flexibel in; soms heb je meer tijd nodig om een doel te behalen.
  5. Vergeet niet om behaalde resultaten te vieren, Na een week, een maand, halverwege en als je op driekwart van het project bent. Vier alle mijlpalen, niet alleen het behalen van het einddoel.
  6. Laat het idee los dat het perfect moet zijn. Perfectionisme is een verzameling zelfvernietigende denkpatronen die ervoor zorgen dat je probeert om onrealistisch hoge doelen te bereiken; ze doen eigenlijk meer kwaad dan goed. Perfectionisten leven vaak volgens een rigide set van regels die onverbiddelijk en onrealistisch kunnen zijn, wat vaak leidt tot dingen niet afmaken. Als je denkt dat je een perfectionist bent, probeer dan vast te stellen waarom je vindt dat elke taak perfect moet zijn. Onderzoek eens of dat werkelijk zo is: moet iets echt, en van wie moet dat? Moet iets op een bepaalde manier, of zijn er ook andere manieren?

Besef ook dat een plan, ondanks al je zorgvuldige onderzoek, planning en inspanning soms niet lukt. Misschien heb je je interesse in het onderwerp verloren, of heb je je gerealiseerd dat de uitkomst je niet gaat opleveren wat je nodig hebt; misschien vind je de inspanningen niet de moeite waard, ben je eerder tevreden met behaalde resultaten, of voel je dat het niet jouw pad is. In dit geval geloof ik dat het wijs is om geen verdere actie te ondernemen en het los te laten.

Ik heb jarenlang geworsteld met mijn gewicht, vond mezelf te dik. Probeerde allerlei diëten, ging over mijn grenzen bij meer bewegen, niks hielp. Tot ik besefte dat mijn medicijngebruik afvallen bijna onmogelijk maakt, het in een rolstoel zitten en minder kunnen bewegen afvallen lastig maakt en dat ik eerlijk aan mijzelf kon toegeven dat ik van lekker eten hou. Eten is voor mij gezelligheid en warmte; de inspanningen die ik moet leveren om een halve kilo af te vallen maken mij geen gezelliger, leuker mens. Integendeel: het frustreerde me alleen maar. Bovendien ontdekte ik dat mijn gevoel van eigenwaarde niet afhangt van hoe ik eruit zie. Maar dat is een ander proces waar ik later meer over zal schrijven.

Voor mij is het allerbelangrijkste om af te maken waar ik aan begin, dat ik geloof dat er een element van plezier en genot moet worden opgenomen in elk project. Dat maakt dat je iets vol kan houden en dat je productiever wordt in al je werk, inspanningen en het behalen van resultaten.

Als je de bovenstaande tips en suggesties kunt volgen, weet ik zeker dat je kunt voorkomen dat je vast komt te zitten en opgeeft, maar dat je kunt afmaken waar je aan begonnen bent. Succes met jouw projecten!

Waarom we dingen niet afmaken

Velen van ons beginnen enthousiast aan iets, met het plan om af te maken waar we aan begonnen zijn.

We hebben ons voorgenomen dat we de zolder gaan opruimen, starten met sporten, meer tijd vrij maken om leuke dingen met onze partner te doen, eindelijk beginnen aan dat fotoboek, 5 kilo afvallen, gezonder eten. We beginnen super enthousiast, maar na verloop van tijd begint onze interesse te tanen; het enthousiasme ebt weg en het ooit zo leuke, spannende project verandert in een verplichting, een duurtest en we kunnen het niet langer opbrengen om er mee door te gaan.

Hoe komt het dat mensen zo vaak halverwege opgeven?

Wat gaat er mis?

Allerlei gevoelens steken de kop op en nemen onze gedachten over. Gebrek aan doorzettingsvermogen, het gevoel dat we falen, gebrek aan energie; we worden boos op onszelf, wat ervoor zorgt dat we ons beschaamd en schuldig voelen.

Waarom beginnen we aan dingen en maken we ze bijna NOOIT af?

De belangrijkste reden dat we kunnen switchen van spontane doorzetter naar een deserteur en saboteur – en daardoor afzien van projecten – is dat we niet emotioneel geïnvesteerd hebben in het hele project.

We zijn verliefd geworden op het idee, maar niet op de reis ernaartoe.

Het vaststellen van een doel, een nieuw project, kan ons een verhoogd emotionele boost geven. We genieten ervan om de hele wereld te laten delen in onze beslissing: “Ik ga naar een sportschool”, “ik ga afvallen”, Ik ben gezond aan het eten, laat alle suiker en koolhydraten staan”, “ik start met mindfulness”, “ik lees een geweldig zelfhulpboek en daardoor ga ik mijn leven nu heel anders aanpakken ”, et cetera. Het is een geweldig gevoel. Het kan een mix zijn van spanning, vernieuwing, avontuur en mogelijkheden.

We maken veel meer endorfine aan en die houdt ons een tijdje gaande; we boeken de eerste resultaten en voelen ons top… totdat we de eerste drempel of hindernis tegenkomen.

Er zijn een verschillende redenen waarom mensen beginnen met projecten en blijven steken in verschillende stadia van voltooiing. Dit zijn:

  • Een gebrek aan focus en planning
  • Onderschatting van de benodigde tijd en inspanning
  • Onderschatting van de hindernissen die we tegen kunnen komen
  • Te hoge verwachtingen hebben
  • Onderbrekingen door familie/werk en gebeurtenissen die het project laten ontsporen
  • Gebrek aan prioritering
  • Moeilijk om hulp kunnen vragen
  • Geen steun vanuit de directe omgeving
  • Niet genoeg discipline

We willen moeiteloos en gemakkelijk van A naar B en denken niet aan de obstakels of uitdagingen die we onderweg tegen kunnen komen en die voor ongemak kunnen zorgen. Het ervaren van fysieke of emotioneel ongemak begint bij het herkauwen van negatieve gevoelens en gedachten als, ‘het duurt te lang’, ‘mijn lichaam doet pijn’, ‘het is te moeilijk’ of ‘er zijn te veel verleidingen’. We gaan twijfelen, verwarring kan ons bekruipen, we kunnen de motivatie en het zelfvertrouwen verliezen die nodig zijn om die hindernis te overwinnen.

Een andere reden is dat we het gevoel hebben niet aan de algemene maatstaven te voldoen én dat we vergeten om onze successen te vieren. We staan niet genoeg stil bij onze vooruitgang, we kijken niet naar alle stappen die we al gezet hebben maar richten ons alleen op de voltooiing van de taak. Pas als het af is, bereikt is, hebben we iets te vieren. Onmiskenbare vooruitgang zorgt dat we de kracht verzamelen om door te gaan, motiveert ons om door te zetten en het einddoel voor ogen te houden.

De waarheid is: hoe langer je vertraging/uitstel ervaart, hoe meer stress en druk je waarschijnlijk gaat voelen. Daardoor ga je jezelf saboteren en besluit je dat het nu niet het juiste  ​​moment is om deze taak te voltooien; je gooit de handdoek in de ring.

Je ervaart het gevoel vast te zitten en stil te staan.

Als we vast komen te zitten, ervaren we niet direct dat we willen opgeven. Het is meer het gevoel van stilstand dat ons afschrikt en waardoor we stoppen. Er zijn vele redenen waarom we stoppen. We besluiten bijvoorbeeld te wachten op inspiratie, meer tijd of geld, of betere omstandigheden om het project af te maken. Tot die tijd gaan we het uitstellen en laten we ons afleiden door het leven, in de hoop dat we het na verloop van tijd makkelijker krijgen om het opnieuw te doen.

Michael Hall, onderzoeker, NLP Master practitioner en auteur van 30 boeken over cognitieve wetenschap, zegt dat ons brein voornamelijk werkt vanuit ons zintuiglijke systeem van geluiden, beelden en gevoelens. Als we dat combineren met taal, kunnen we onze motivatie verhogen en doelen bereiken.

Hoe maak jij af waar je mee start?

Lees in mijn volgende blog welke zes simpele manieren er zijn om wél af te maken waar je mee start.

Heb jij moeite met hulp vragen?

Heb je weleens problemen gehad met vragen om hulp?
Misschien heb je iemand nodig die je helpt met de hond uitlaten, oppassen of de kinderen van school halen, of verhuizen; of misschien wil je een collega vragen om je te helpen een belangrijke deadline te halen.

Laatst werkte ik met een dame die het moeilijk had op dit gebied. Mijn cliënte, L, had last van depressieve gevoelens waardoor ze moeite had met dagelijkse dingen. Ze had vooral stimulans nodig om uit bed te komen en iets te ondernemen. Het zou haar enorm helpen als ze haar familie of vrienden kon vragen haar hierin bij te staan. L zei dat ze hun steun echt nodig had, maar dat ze haar vrienden niet om hulp kon vragen omdat ze hen niet wilde belasten met haar problemen.

Waar gaat dat over?

Toen ik hierover met haar in gesprek ging om dit verder te onderzoeken, ontdekte ik een beetje meer. L was bang dat ze, als ze te behoeftig overkwam op anderen, hun vriendschap zou verliezen. Ze vertelde dat iedereen in haar familie zeer zelfstandig is en dat hun allemaal was geleerd om voor zichzelf te zorgen. Haar vader was een trotse man en vond dat zijn kinderen hun eigen weg in de wereld moesten vinden om financieel onafhankelijk en zelfstandig te zijn. Hulp vragen werd als zwak gezien. L was op jonge leeftijd het huis uitgegaan, had haar opleiding z

elf bekostigd door te werken tijdens haar studie, en was door keihard te werken uitgegroeid tot een succesvolle onderneemster.

Professor Wayne Baker van de Universiteit van Michigan legt uit: “In veel westerse culturen hechten we een sterke waarde van zelfredzaamheid en individualisme, die het vragen om wat we nodig hebben in de weg staat.”

Als ik jou om hulp zou vragen, wat is dan het eerste wat je denkt?

Is het:

  • Dat zou ik zelf nooit durven vragen
  • Ze vragen mij altijd
  • Ik heb het eigenlijk te druk, maar ik kan geen nee zeggen

Of is het:

  • Ja natuurlijk, geen probleem
  • Fijn dat je me vraagt, dat ik iets voor je kan doen
  • Ik help je graag, jij staat toch ook altijd voor mij klaar.

Ik wed dat het meestal één van de onderste drie reacties is.

Hoe komt dat?

Als iemand ons om hulp vraagt, geeft ons dat een goed gevoel. Het voelt fijn om te weten dat we nodig zijn: daardoor voelen we ons gewaardeerd. Een ander helpen, iets voor een ander doen, geeft ons een positief gevoel, mits het niet ten koste gaat van onszelf.
Dat is ook de reden dat we hulp aanbieden. En ga maar na: als jij je hulp aanbiedt en de ander slaat die meteen af, dan geeft dat een iets minder fijn gevoel.

Wanneer we voelen dat we hulp nodig hebben, kunnen we reageren op basis van onze overtuigingen en ervaringen. Soms zijn die ontstaan in het verleden. Als jij opgegroeid bent met het idee dat om hulp vragen betekent dat je zwak bent, dan zal hulp vragen waarschijnlijk voelen als iets negatiefs. Ben je opgegroeid in een gezin waarin iedereen voor elkaar klaar stond en om hulp vragen werd gezien als iets heel gewoons, dan zal dit als de normaalste zaak van de wereld voelen. En toch zijn de meeste mensen, vooral vrouwen, geneigd om alles zelf te willen doen om vooral geen hulp te vragen. Zelfs als het overduidelijk is dat ze hulp nodig hebben, zullen veel vrouwen hulp afslaan als het spontaan wordt aangeboden. Onze eerste, bijna automatische, reactie is ‘nee hoor, dat hoeft niet, ik red het zelf wel.’

Hier kunnen verschillende redenen voor zijn:

  • Ik wil niet dom/hulpeloos/incompetent overkomen
  • Ik wil een ander niet belasten
  • Ik wil niet behoeftig of zwak lijken
  • Ik ben bang om geen controle te hebben
  • Ik wil die ander niks schuldig zijn
  • Anderen kunnen óók alles zelf
  • Ik denk dat anderen verwachten dat ik dit zelf kan
  • Een ander doet het vast niet op de juiste manier

Een grote reden waarom mensen

om hulp vragen moeilijk vinden, is dat het ze nooit goed geleerd is. Je leert veel door te kijken naar hoe anderen om je heen met situaties omgaan. Als jij om je heen ziet dat iedereen alles zelf probeert te doen en niet snel om hulp vraagt, wordt dat ook jouw maatstaf.

Heb jij hulp nodig, bedenk dan hoe hulp jouw leven makkelijker kan maken. Hoe hulp vragen en aannemen van anderen jou helpt, en ook nog eens een goed gevoel geeft aan degene die de hulp verleent. Hulp vragen en accepteren is geen zwakte, het creëert saamhorigheid, vriendschap en positiviteit.

Ik hoop dat deze blog jou helpt je leven gemakkelijker te maken waardoor je meer kunt genieten.

 

 

Emoties en gedachten

Mensen vragen weleens ben jij nog wel eens boos of geïrriteerd? Of komt dat niet meer voor als je therapeut bent?
Ik kan je direct geruststellen en je verzekeren dat ik zeker boosheid, irritatie, blijdschap en alle andere emoties die bestaan ervaar.
Zo kwam ik vanmorgen in een goede bui aanrijden om te ontdekken dat er (weer) een auto op mijn invalide parkeerplaats op kenteken geparkeerd staat. Dat irriteert mij mateloos en ik denk dan echt niet liefdevol ‘nou ja dat geeft niet’, nee ik ben boos en bel de politie om melding te maken. Waar ben ik dan boos om? Om de ondoordachtheid van mensen die niet begrijpen dat je een invalide parkeerplaats niet koopt omdat het lekker makkelijk is maar omdat het noodzakelijk is. Ik vind het stom en onattent en ondoordacht. Sukkels vind ik het.

Vind ik het erg dat ik boos en geïrriteerd ben? Totaal niet want met een emotie op zich is nooit iets mis. Emoties komen op en zakken weer weg. De problemen ontstaan door de gedachten die je over een emotie kan hebben. Bijvoorbeeld ‘dat zou ik niet mogen voelen’ of ‘waarom heb ik hier nou weer last van’. De oordelen die je zelf hebt over de emotie zorgen ervoor dat je er last van hebt. In mijn geval was mijn boosheid snel over. Ik voel hem, prima, parkeer mijn auto op een andere plek, bel de politie, stap uit en rol naar mijn werk. Tegen de tijd dat ik mijn voordeur open is de boosheid al weg, juist omdat het ok is om het te voelen en ik het niet wegdruk of voeding geef.
En nu zit ik alweer lachend achter mijn bureau dit met jullie te delen.

Dus ja ik ben af en toe boos, verdrietig, vrolijk, onzeker, teleurgesteld. Ik stel weleens dingen uit omdat ik er geen zin in heb of ik geef toe aan iets lekkers willen eten. Niks menselijk is mij vreemd 
Ik hoop dat het voor jullie ook zo is en merk je dat je last hebt van emoties kijk dan eens rustig of je niet toevallig in de week voor je menstruatie zit, je hormonen kunnen dan enorm opspelen, waardoor je emotioneler reageert. Een week later kan de wereld er weer heel anders uitzien.

Blijven emoties terugkomen en/of je hinderen, erken dat het zo is en ga er iets aan doen.